Tussen
eindeloos brekende golven,
in
het kielzog van haar uitnodigend lijf,
kiest
de zwemmer - op gevaar van leven -
op
goed geluk af te duiken.
Als
wrakhout, van water doordrongen
laat
hij zich naar haar bodem zinken.
De
zwemmer, een naamloze knoest,
proeft
enkel water: nat en schurend zand.
Over
haar nooit verkende diepten
drijft
hij domweg een leven lang.
Strijkt
zijn toegeeflijke hand, vaak ook bitter,
dagelijks
haar bedrieglijke buitenkant.
Het
water begrijpt dat de zwemmer zwijgt.
Van
woelige golven tot dodelijk geschil
verblijven
zij in elkaars weinig en teveel.
Moedig
bezaait de zwemmer het zand.
Eervol
maait water het gezamenlijk land.
Tot
haar nat en schurend zand,
hem
na jaren verdrinkt, waar hij altijd droomde
te
drijven naar zijn sprakeloze overkant.
Robert Baeken Februari 2026
Geen opmerkingen:
Een reactie posten