Ernst Löw leest een gedicht van Robert Baeken: "Baalbek 1: Het Massagraf"
Baalbek 1: Het massagraf
Het museum: een rommeltje gouden brokken.
In het massagraf onder een gloeiende hemel
zucht de toerist de laatste adem van de stad,
smoort zijn heimwee naar de kille regens thuis.
Baalbek, een vreettrog voor de burger.
Waar kramp om de eindeloze uren
over de onblusbare verlangens
van armoezaaiers en loonslaven hing.
De naar verveling stinkende horigen
arbeidden in verplichte zandmijnen.
Ruggen gebogen. Na de slag van houweel
volgde in snedig ritme elk truweel.
Onderwijl met gezegende rust
de hogepriester, handhaver van dit hol,
met de lach van een hongerige hyena
gekerm van geofferde kinderen smoorde.
Liever dan aan zelfmoordenaars
Baalbeks uitgang te verklappen
naar een handvol geluk, grapte hij
over het bloedspatje op de tempelvloer.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten